Op de Overeenkomst van Parijs in 2016 verbonden de lidstaten van de Europese Unie zich tot een ambitieus toekomstplan.

In het “eerste, universele, juridisch bindende wereldwijde klimaatverdrag” verklaarden de lidstaten ernaar te zullen streven volledig koolstofneutraal te zijn tegen 2050. Een ambitieus doel, waar resolute actie voor nodig is. Alle lidstaten kregen dan ook de opdracht om een actieplan aan de Europese Commissie voor te leggen. Zo moest duidelijk worden welke maatregelen zij zouden nemen om hun steentje bij te dragen aan een koolstofneutraal Europa. Dit houdt onder andere in dat de Europese lidstaten tegen 2030 zo’n 40% minder CO2 moeten uitstoten.

Het Akkoord van Parijs in de Lage Landen

België startte de opmaak van dit plan met een publieksbevraging die inwoners en stakeholders de kans gaf om te wegen op het definitieve Nationaal Energie- en Klimaatplan. Alle Belgische burgers ouder dan 16 konden aan de bevraging deelnemen, en er werd geen representativiteit van de Belgische bevolking beoogd. Het resultaat? Op basis van de 60.910 ingevulde online enquêtes (waarvan 86% volledig) kwam het land met een lange lijst maatregelen op de proppen. De vergroening van mobiliteit en transport, energie-efficiëntie in gebouwen en hernieuwbare energie waren slechts enkele van de belangrijkste thema’s die in maatregelen werden gegoten. Het plan werd op 31 december 2018 voorgelegd aan de Europese Commissie.

Nederland formuleerde de Klimaatwet, waarin het land zich ertoe verbindt om de CO2-uitstoot radicaal terug te schroeven. Nederland stelt zich bovendien ambitieuzer op dan het Europese gemiddelde, want het land is voorstander van het verhogen van de Europese doelstellingen. In plaats van 40% wil Nederland gaan voor 55% minder broeikasgassen — op voorwaarde dat andere lidstaten meedoen, natuurlijk. Tegen 2050 wil Nederland een CO2-uitstoot die 95% lager ligt dan in 1990.

Broeikasgassen terugschroeven: geen kinderspel

De klimaatplannen zijn ambitieus, en dat is juist de bedoeling. Om de klimaatverandering te kunnen tegenhouden hebben we snelle en doortastende maatregelen nodig, en dat op alle beleidsniveaus. Want de cijfers zijn niet bepaald hoopgevend: volgens de jaarlijkse cijfers van Klimaat.be bedroeg de totale Belgische uitstoot van broeikasgassen in 2018 118,3 megaton CO2-equivalenten, wat een lichte stijging is ten opzichte van 2017.

Nederland doet het in vergelijking een stuk beter, met een daling van de uitstoot van broeikasgassen van 2% in 2018.

Digitale participatie voor het klimaat

Het wordt snel duidelijk dat alle beleidslagen de krachten zullen moeten bundelen om de strijd tegen de klimaatopwarming grondig te kunnen voeren. Hoewel de doelstellingen van het Akkoord van Parijs onder de blauwe Europese vlag werden gemaakt, zijn er verregaande inspanningen nodig van alle provincies, regio’s, steden, gemeenten en inwoners die zich binnen de grenzen van de Europese Unie bevinden.

Lokale overheden worden vaak terecht geassocieerd met lokale thema’s en “kleinere” beleidsdomeinen. Verkeersstromen en mobiliteit, parken en publieke ordening, cultuur, wonen en werken … alles wat betrekking heeft tot de eigen identiteit van een stad of gemeente is logischerwijs in de handen van de lokale administratie. Maar dat wil niet zeggen dat lokale overheden geen rol kunnen spelen in het aanpakken van grote, overkoepelende thema’s. Echte verandering begint ten slotte op het kleinste niveau, in onze eigen gemeenschappen, buurten en gemeenten.

En net daarin kan digitale participatie een grote rol spelen. Door beroep te doen op de collectieve intelligentie van inwoners krijgen lokale overheden toegang tot ontzettend waardevolle informatie. Welke zaken moeten het dringendst worden aangepakt? Waar ligt de bevolking wakker van? Welke dingen kunnen er in de eigen gemeenschap anders? Digitale participatie helpt lokale overheden om de juiste prioriteiten te stellen en zo beter, accurater en efficiënter beleid te voeren.

Laten we een kijkje nemen naar 2 opvallende cases waarin digitale participatie een duidelijke rol speelde in het streven naar een gezondere, groenere wereld.

De energietransitie in Harderwijk

Harderwijk (46.194 inwoners), een stad in het hart van Nederland, besloot haar inwoners te raadplegen over de juiste aanpak van de energietransitie. Deze transitie van aardgas naar natuurlijke energie zit vervat in het nationale Klimaatplan en is dus een realiteit voor elke Nederlandse gemeente. Op een online platform gaf de gemeente haar inwoners de kans om ideeën te delen die de gemeente leefbaarder zouden maken.

Omdat de energietransitie één van de belangrijkste thema’s was voor de Harderwijkenaars, koos het stadsbestuur ervoor om het onderwerp ook offline nog eens op tafel te leggen. Het eerste Stadsgesprek, dat maar liefst 450 aanwezigen telde, bood inwoners de kans om het samen te hebben over de mogelijkheden, kansen en aandachtspunten in de verschillende wijken tijdens de overgang naar een aardgasvrij leven. Door het thema zowel online als offline bespreekbaar te maken, verzekerde de stad dat een zo breed mogelijk publiek aangesproken werd en de kans kreeg om hun ideeën kenbaar te maken. Lees meer over de energietransitie in Harderwijk in onze toegepaste case study.

Youth4Climate: na het protest, het platform

Begin 2019 trokken jongeren over de hele wereld de straat op om snelle en effectieve klimaatmaatregelen te eisen. Verschillende Europese hoofdsteden waren maandenlang in de ban van de wekelijkse klimaatmarsen van de zogenaamde ‘klimaatspijbelaars’.

De persaandacht en het momentum voor de Brusselse marsen bleef groeien, en de organisatoren van Youth 4 Climate België hadden al snel een manier nodig om de energie en ideeën van de demonstranten te kanaliseren. Ze lanceerden een online platform waar mensen hun ideeën en initiatieven konden delen. En de online discussies bleken net zo levendig en gepassioneerd als die op straat. In minder dan drie maanden tijd plaatsten gebruikers meer dan 1.700 ideeën en 2.600 reacties. Bovendien stemden ze meer dan 32.000 keer voor de initiatieven die ze wilden ondersteunen.

Deze input leidde uiteindelijk tot de formulering van 15 burgerprioriteiten. Deze prioriteiten werden opnieuw in stemming gebracht, zodat het publiek kon kiezen welke thema’s volgens hen het eerst moesten worden aangepakt. De uiteindelijke prioritering werd de basis van een eindrapport dat aan wetgevers werd aangeboden om hen te inspireren bij het opstellen van de beleidsagenda. Lees hier meer over de Youth4Climate case.


Hoe gaan jullie lokaal met de klimaatdoelen aan de slag? Lanceer je een wedstrijd, zoals in Grand Paris Sud? Of een survey, zoals in het Nederlandse Medemblik? Wij denken graag met je mee!

There are currently no comments.